Natuur in en rondom Bemelen
|
|
"Eigenlijk is het hier een geheel complex van dalen rond
Bemelen, met prachtige hellingen en bosschen, dat al voldoende natuurschoon biedt om dit
terrein tot een natuurreservaat te verklaren: Op nauwelijks meer dan een vierkante
kilometer treft men hier allerlei insnijdingen en kronkelwegen aan, die zooveel
landschapsschoon en zooveel interessante planten, dieren en geologische bijzonderheden te
bieden hebben dat men er nooit op uitgekeken raakt en altijd weer in de verschillende
tijden van het jaar in verrukking kan komen in de stille verlatenheid van dit idyllische
landschap. Het duurt zelfs lang voordat men alle kleine weggetjes heeft verkend, die men
nemen kan van den Bemelrberg, in het Gasthuisdel zoowel als langs de mooie boschhellingen
in het Koelebosch of langs den Molen- of Mettenberg, in den volksmondhet Catherijnegat
genaamd. Overal treft men de geheimzinnige grotopeningen aan, die de meest fantastische en
schilderachtige aanblikken kunnen opleveren. Hier geniet men in het vroege voorjaar, als
de winter nog nauwelijks geweken is, van de eerste zonnestralen op de steile
heuvelhoekjes, waar dan de eerste bloemen zich al in de warmte koesteren. In het voorjaar
en in den zomer wordt het dan een groot bloemen-eldorado, om tenslotte tot diep in den
herfst nog een weelde van kleuren aan bladeren, bessen en andere vruchten op te leveren,
die men elders nauwelijks in zoo groote mate aantreft.
Alleen reeds de wollige vruchten van de Clematis tooien hier rots en struikgewas met zulke
sierlijke guirlandes dat, wie dit nooit gezien heeft, zijn bewondering daardoor ten
zeerste getrokken voelt.
Ook de Bemelerberg is, in al zijn ogenschijnlijke kaalheid, een rijke groeiplaats van
bloemen, en hier geniet men van de meest verscheidene uitzichten, zoowel ver over het
Maasdal naar zuid en noord als tot diep in het Belgische Kempenland aan de overzijde en
oostwaarts het berglandschap in langs de begroeide en met boomgaarden en akkers bedekte
heuvelhellingen. Hier wordt men bij het overzicht van dit natuurschoon zoo rijke landschap
vanzelf aangespoord om al die intieme hoekjes van de zijdalen te gaan verkennen.
Gaat men zuid-oostwaarts door het genoemde Catharijnegat, dan strekt zich de prachtige
heuvelrand nog enkele kilometers ver uit met verschillende zijdelingsche insnijdingen van
holle wegen, die naar het plateau omhoogvoeren. Langs de Molenberg, Bundersberg en
Schiepersberg kan men den landelijke weg volgen om tenslotte in Welsden uit te komen, of
eerder rechtsom te buigen en den grooten weg naar Vaals te bereiken. Het geheele dal met
zijn bosschen of kale grashellingen aan de eene zijde en de grillig glooiende akkers aan
de andere zijde is van een landschappelijke schoonheid, die weer geheel afwijkt van andere
plaatsen, waar men toch ook Liburgs schoonheid bewonderen kan. Vroeger zag men er de
stoomtram zijn loop nemen tusschen de akkers en insnijdingen in de heuvelglooiingen, nu is
er de rust weergekeerd".
Aldus een citaat uit de "Spiegel van Nederland" van ca 1930.